Nino Seafood

Products:

Naargelang de seizoenen zal U in onze winkel ook terecht kunnen voor specifieke zee-specialiteiten zoals nieuwe maatjes, zeeuwse mosselen, platte of creuse oesters, canadese kreeften, skrei, zeegroenten zoals lamsoor en zeekraal, meivis, …

Ook nieuw in onze vishandel is de milieuvriendelijkheid bij het verpakken van de vis en de meeneemschotels.

- Zo kiezen wij bij het verpakken van de vis voor een gesealde papieren zak die geuren en vocht in de zak houden waardoor een extra verpakking overbodig wordt en de vis kan er gamakkelijk 2 dagen in de frigo in bewaren, kiest U er echter voor om de vis te diepvriezen dan kan dit in dezelfde verpakking gezien het etiket met de inhoud en verpakkingsdatum erop vermeld staan.

- Bij de verpakking van dagschotels kan de klant zelf kiezen uit een microgolfbestendige verpakking of een verpakking voor ovengebruik of nog een retour-schotel die onder waarborg meegegeven wordt en terugbetaald bij aflevering.

- Cadeauverpakking kan in een speciale nieuwe ijsverpakking die volledig milieuvriendelijk afbreekbaar is.

- En tenslotte opteren ook wij voor een herbruikbare draagtas ter vervanging van de alom gekende plastieken zakjes die onze wateren en zeeën stilaan terroriseren.

'Zeeuwse' mosselen

Mosselen komen in Nederland op grote schaal in twee gebieden voor: de Oosterschelde en de Waddenzee. Deze gebieden zijn ideale kweekplaatsen voor mosselen.
 
De mosselkwekers brengen hun mosselen van de Waddenzee en de Oosterschelde naar Yerseke. Via de veiling gaan deze mosselen over op de mosselhandelaren. Deze zetten de mosselen vervolgens uit op hun percelen in de Oosterschelde om ze daar enkele weken te verwateren en tot rust te laten komen. Door het laatste verblijf van de mosselen in de Oosterschelde, mogen de mosselen met recht Zeeuwse mosselen genoemd worden.

Platte of creuse oesters: 
 
Voor de één een lekkernij, voor de ander een gruwel.
Oesters je houdt er wel van, of je houdt er niet van. Hoe het ook zij, oesters spreken al eeuwen tot de verbeelding en ze worden in alle soorten, maten en op vele wijzen geconsumeerd.
Klassiek is de rauwe oester in combinatie met een partje citroen.

Er zijn 2 soorten oesters in Europa, de platte oester en de creuse. De platte oester wordt ook wel Zeeuwse platte en de creuse ook wel bolle of wilde oester.

Afbeelding:Ostrea edulis2.jpgOesters, schelpdieren met een verfijnde smaak - Soorten oesters - Oesters openen

Er bestaan twee methodes om oesters te classificeren naar grootte.
Voor de creuse loopt dit op –van klein naar groot- van 5 tot en met 0. De groottes 5 tot en met 3 genieten de voorkeur om rauw te consumeren. 2,1 en 0 worden vanwege de grootte vaak gebruikt om mee te koken.

De platte oester wordt geclassificeerd met nullen. Hoe meer nullen, des te groter. Ben je in Frankrijk dan moet je echter even opletten, want daar tellen ze bij de platte oesters net andersom: dus hoe meer nullen, des te kleiner.

Canadese kreeften:
In de Oosterschelde worden kreeften gevangen gedurende de zomermaanden.
Helaas is het aantal kreeften niet voldoende voor de Nederlandse markt.
Ook in andere landen zoals Frankrijk, Schotland, Ierland en Noorwegen, komen
niet genoeg kreeften voor om aan de vraag te voldoen.
Vandaar dat  in ruime mate kreeften uit de Verenigde Staten en Canada
geïmporteerd worden.
Tweederde van alle kreeften die in Europa worden geconsumeerd komen uit
Noord-Amerika en Canada.
Europese kreeften zijn makkelijk te onderscheiden van de Amerikaanse of
Canadese kreeften.  De Europese kreeft is blauw/zwart met lichte vlekjes.
De Canadese en de Amerikaanse kreeften zijn zwart/bruin.

Het onderscheid  tussen de Canadese en Amerikaanse kreeft zit hem
in de kwaliteit. De Canadese kreeft is sterker en daardoor is het vleesgehalte ook
hoger dan bij de Amerikaanse soort.

De scharen en het achterlijf van de kreeft bevatten veel vlees.
Ongeveer een derde van het totale gewicht van de kreeft is eetbaar.

Kreeft leent zich prima voor koken of stomen.

Skrei oftewel Noorse winterkabeljauw

20070119_skrei_001De skrei visserij rond de Lofoten speelt al veel eeuwen een belangrijke rol in de Noorse samenleving. De komst van de skrei is in Noorwegen als de komst van de nieuwe haring in Nederland. Liefhebbers kijken er reikhalzend naar uit. In vroeger dagen namen meer dan 30.0000 vissers deel aan de visvangst op de Lofoten. Tegenwoordig verdienen tussen de 2.500 en 4.500 hun inkomen hier mee.

De naam skrei
De naam skrei is afkomstig van het Noorse woord voor zwerver (skreid) en slaat op de lange tocht die de vis elk jaar maakt. Skrei is een volwassen winterkabeljauw die op het punt staat te paaien. De vis (Gadua Morhua) is afkomstig van het kabeljauwbestand uit het noordoost arctische deel van de Barentsz Zee. De vis trekt elk jaar met honderdduizenden tegelijk vanuit de noordpoolcirkel naar de wat warmere wateren rond de Lofoten, een eilandengroep voor de kust van noord Noorwegen. Bij het paaien zwemmen de mannetjes- en vrouwtjeskabeljauwen buik aan buik. Een vrouwtje kan vele miljoenen eitjes bij zich dragen. De bevruchte eitjes stromen met de warme golfstroom mee langs de Noorse kust naar het noorden. Ze groeien uit tot kleine visjes en wanneer ze niet door andere vissen worden gegeten, bereiken ze de Barentsz Zee.

Zeegroenten:

Lamsoor (Limonium vulgare) komt voor op kwelders en in gebieden die onder invloed van het getijde staan en af en toe overstroomd worden met zeewater; de zogenaamde zilte zoom. Zo bestaat de begroeiing van de Slufter op Texel voor het overgrote deel uit een zoutminnende vegetatie, die in juni overwegend paars kleurt vanwege de lamsoor. Lamsoor komt in Nederland voor in het deltagebied, op de waddeneilanden, langs de waddenkust op de kwelders. De plant vermeerdert zich vooral vegetatief door middel van stekken. Op de onderkant van het blad zitten zoutklieren die het overtollig zout uit de plant halen. Per vierkante centimeter zitten ongeveer 600 zoutkliertjes. Als de zon op de bladeren schijnt schitteren de zoutkristallen op de bladeren.

Zeekraal is een plant zonder bladeren met dikke, sterk vertakte en gelede stengeltjes (de 'kraaltjes')

 

Zeekraal verkleurt in het najaar van groen naar rood, wordt dan helemaal houterig en is niet meer eetbaar.

 

Zeekraal groeit in het wild op buitendijkse gebieden langs de Waddenzeekust, in Zeeland en in het Lauwersmeer-gebied. 

Verse Vis:

Om verse vis te herkennen, kan men steunen op de criteria beschreven in de Europese norm die de kwaliteitscategorieën van vis omschrijft. Die criteria zijn zeer goed zichtbaar en door iedereen bruikbaar bij aankoop.-Verse vis verspreidt een frisse zeegeur. Wanneer hij naar ammoniak ruikt, betekent dit dat hij niet meer geschikt is voor consumptie.
-De huid van verse vis heeft een felle, glanzende kleur, zonder verkleuringen. Het slijm op de huid is helder en doorschijnend. Hoe minder vers de vis is, hoe valer de huid en hoe melkachtiger het slijm.
-De ogen staan bol, het hoornvlies is doorzichtig en de pupil is zwart en glanzend. Is het oog hol in het midden, het hoornvlies dof en de pupil grijs, dan is de vis bedorven.
-De kieuwen van vers gevangen vis zijn glanzend, helder van kleur en niet verkleefd. Hoe ouder de vis, hoe geelachtiger en kleveriger de kieuwen worden.
-Als de vis vers is, is er geen verkleuring langs de ruggegraat. Met de tijd wordt deze zone steeds roder.
-Het buikvlies hecht goed aan het vlees van verse vis. Bij bedorven vis komt het buikvlies los.

Hollandse Nieuwe maatjes:

Elk jaar doorloopt de haring dezelfde cyclus. In de wintermaanden is hij mager en in het voorjaar begint de haring te groeien door de aanwezigheid van plankton in het water. Onder gunstige omstandigheden kan een haring zich in het voorjaar elke dag 2 procent vetter eten. Een kwart van zijn gewicht kan uiteindelijk uit vet gaan bestaan. In mei, als de haring voldoende vet is, begint de jaarlijkse periode waarin op maatjesharing wordt gevist. Die duurt doorgaans tot juli. Haring mag dus Hollandse Nieuwe heten als hij goed vet is, en op de traditionele Hollandse manier gekaakt, gezouten en gefileerd is.

Tapa's:

Al sinds lange tijd wordt in Spanje bij een drankje tapas geserveerd, in eerste instantie vooral omdat de mensen van de tapas dorst kregen en dus meer gingen drinken. Maar vooral ook omdat het gewoon een lekkere smaakmaker is bij een glas wijn, bier of sherry.

Tapas zijn kleine pittig gekruide hapjes van vis, vlees, groenten of mini-salades. Het schoteltje met lekkers - de tapa - werd als een dekseltje op het glas gezet, zodat vliegen en stof geen kans kregen om in het drankje terecht te komen. 'Tapar' betekent namelijk afdekken.

Maar misschien is de tapascultuur wel ontstaan door de invloed van de Moren. Ook in de Noord-Afrikaanse keuken kennen we immers een combinatie van kleine hapjes die we delen en samen eten: de mezze.

In de loop der eeuwen zijn de tapas uitgegroeid tot een manier van leven. Veel Spanjaarden gaan 's avonds een tapasbar in om met elkaar bij te praten onder het genot van een glas sherry en een of meerdere Tapas.

Inmiddels zijn er ontelbaar veel soorten tapas en heeft iedere Tapasbar of -restaurant zijn eigen specialiteiten. Ze zijn allang niet meer bedoeld voor het afvangen van de vliegen maar dienen als een onderdeel van het sociale leven van Spanje. Ze worden op een schoteltje of een klein bordje geserveerd waar men gezamenlijk van eet. Samen met brood en andere ingrediënten kunnen Tapas echter ook een complete avondmaaltijd vormen.


 

Vistapa's